Voor ons netwerk gebruiken we veel kabels, leidingen, transformatoren en andere producten die gemaakt zijn van waardevolle grondstoffen. We hebben hierdoor een aanzienlijke grondstoffenvoetafdruk. Om onze negatieve impact te beperken en kansen optimaal te benutten, nemen we maatregelen om de circulariteit van onze componenten te vergroten. (MDR-P 65-a)
De negatieve impact op het milieu kan plaatsvinden bij de productie van de componenten (de upstream-waardeketen) en bij verspilling van materialen bij activiteiten in onze operatie. Een circulaire aanpak zorgt niet alleen voor minder impact op het milieu, we besparen ook flink op inkoopkosten door componenten opnieuw te gebruiken en dat vormt een kans voor Enexis.
|
Environmental |
Impact, Risico of Kans |
Waardeketen |
Tijdshorizon |
|
Materieel thema |
|
|
|
|
Circulaire economie |
Actuele negatieve impact: Enexis koopt grondstof-intensieve componenten in en heeft daarmee indirect een aanzienlijke grondstoffenvoetafdruk, met mogelijke milieu-impact in de upstream waardeketen tot gevolg. |
|
|
|
Circulaire economie |
Actuele negatieve impact: Het verspillen van materialen leidt tot onnodig verlies van grondstoffen, downcycling en afval, dat getransporteerd en verwerkt moet worden en leidt tot onnodige GHG-emissies en mogelijke andere milieuschade. |
|
|
|
Actuele kans: Herinzet van materialen bespaart kosten voor inkoop nieuwe materialen (vermeden inkoopwaarde); eerder gedane investeringen hebben een langere levensduur. |
|
|
Circulariteitsstrategie
In een circulaire economie worden zo min mogelijk nieuwe materialen gebruikt en blijft de waarde van materialen en grondstoffen zo lang mogelijk behouden. Er ontstaat nauwelijks afval. De Nederlandse overheid streeft naar een volledig circulaire economie, en wij werken daar graag aan mee. Daarom stimuleren we leveranciers om minder grondstoffen en meer gerecycled materiaal te gebruiken, optimaliseren we de levensduur van componenten, zetten we producten en materialen opnieuw in door herinzet en proberen we verspilling te voorkomen en verminderen. We bewegen weg van het gebruik van primaire materialen en stimuleren het gebruik van secundaire grondstoffen. (ESRS E5-1 12, 15 a en b, 16, ESRS 2, MDR-P 65a, MDR-P, 65d, f, E5-1 AR 9)
De 10 treden van de R-ladder
De R-ladder is het model dat onze inzet om bij te dragen aan de circulaire economie structureert. De ladder bestaat uit tien R’s, waarbij Refuse de hoogste trede is en Recover de laagste.
-
Refuse: overbodig maken van materialen;
-
Rethink: intensiever gebruiken van dezelfde materialen;
-
Reduce: reduceren van de hoeveelheid materialen per eenheid product;
-
Reuse: hergebruiken van materialen;
-
Repair: repareren van materialen;
-
Refurbish: renoveren van materialen;
-
Remanufacture: herfabriceren van materialen voor dezelfde functie;
-
Repurpose: herfabriceren van materialen voor een nieuwe functie;
-
Recycle: recyclen van materialen;
-
Recover: terugwinnen van energie uit materialen door verbranding/vergisting.
Hoe hoger de positie op de R-ladder, hoe minder (nieuwe) grondstoffen er nodig zijn en hoe beter de waarde van grondstoffen en materialen behouden blijft. Op deze manier krijgen producten een langere levenscyclus. We hebben maatregelen vastgesteld op de verschillende R-strategieën. Meer hierover staat in de paragraaf ‘Maatregelen’. (AR 9a, MDR-P 65 d)